Riemersma over de Grunniger Biebel
Terug naar Artikelen
Wêrom nei Artikels
Weeromme naor Artikelen
Home
Riemersma over de Grunniger Biebel (25-10-2008)
In zijn kollum van 22/10 makket Trinus Riemersma hem nogal
drok over de Grunneger biebel. Eindjebesluit roept hij de Grinslanner
mannen (volgens bijbeltradisie geen froulju) op om toch vooral wat
grutsker op hun taal te wezen. TR haelt wat foarbielden an en is het -
fansels - niet helendal iens mit disse Grunneger vertaeling, altaast,
zo lijkt het mij toe. Alles wat tsjin de muorre pisset (1 Samuel
25:22), hadde om mi'j in et Frysk wisse wel kund. In het Hollands, ABN
zo u wilt kan dat evenwel niet, want Hollanners pisje niet, die plassen
op z'n minst.
Muiken en nuimen zijn neffens TR woorden uit de oude deuze, en daor
hadde hij nea earder fan heurd of lezen. In oons prachtige
Stellingwarfske woordeboek - waorvan et laatste diel in 2004 uutbrocht
is - tilt het ook op van de ooldedeuze woorden zoals bijgelijks het
aendelbod in de bedstee of de veurliende an een wezeboom. Maar is dat
slim? Natuurlik niet, ze staan mij altaast niet in de weg en dat ze
voor de historie en dus voor latere opgravingen van woorden vastgelegd
zijn is mooi mitgenomen.
Eerder is het misschien jammer dat er maar sunich aan moderne wurden
instaat over zoiets als kompjuters, internet en sexmogelijkheden. Daar
schort het in de Friese, en alderdeegst in de Nederlandske wurdboeken
ook wel es een beetje aan, ben ik bang. Een werkstuk als dit wat over
meerdere generasies is verlopen vraagt natuurlik ok om deze perblemen
in de doeltaal. Minsken van veertig jaor geleden praatten nu eenmaal
een andere taal dan de minsken van vandaag-de-dag. Een nieuwe
kompjoeter is al gedateerd als die uit de doos is; een woordenboek is
al achterhaald as et leste woord geschreven is.
Lao'we et dan maar niet doen, zol onze Stellingwarfse taelpliesie wel
zeggen, maar wat skiten we daar mee op? TR wet as geen ander alles over
beeldspraoke, en de Bibel staot daar dan ok bol van. Kloften folk gaat
faeks tweemaal op een zondag naar de sjoele om uitleg te kriegen in die
beeldspraak. Voor wie dat wil, een fien tiedverdrijf. Een vertaling -
van wat dan ok - moet gewoon goed, of op zijn minst zo goed mogelijk
zijn, maar it badskip in de Biebel is ons faeks wel dudelik en dan zijn
de presies bruikte woorden neffens mij toch enigszins ondergeschikt.
Wetenskippers zullen hele fiene definisies kunnen vormeleren over wat
een wereldtaal, een gewone taal of een streektaal eins is, maar is et
wier fan bilang? De literatuur tilt de taal op, seit TR en inderdaod
dat daenken een protte schrievers vaeke, mar neffens mij gaat het
wezenlijke nog steeds om de bosschop en niet om de deuze. What's in a
name? Et is nog mar kortleden dat we allemaole Engels mossen leren.
Over honderd jaor praoten ze hier lichtkans allemaal Chinees. We hoeven
om mij trouwens helemaal niet grutsk te wezen op onszelfs en ús tael,
laot et maar gewoon vanzelfsprekend wezen hoe mal aj't opzeggen. Dat
mag - hier altaast - gewoon, en veural in een kollum.
PB, 25-10-2008