Bericht van sSe aan Drenthe
Weeromme naor Correspondentie
Weeromme naor Stellingwarfs
Home
Bericht van sSe aan Drenthe
Geachte mevrouw Hilberink,
'Doelen kennen gewoonlijk ongelofelijk veel aspecten; de weg naar het doel nog veel meer'.
Intussen heb ik geruime tijd nagedacht om op je uitnodiging in te gaan
eens langs te komen om mijn houding t.o.v. de Nedersaksische (NS)
aanvraag om onder Deel III te geraken, te komen toelichten. Dit lijkt
me (voorlopig) weinig zin hebben. Dit e-mailtje lijkt me nu even
voldoende en kost - voor beide - een stuk minder kostbare tijd. Ik ben
mij evenwel ook bewust dat letters op papier (of scherm) vaak wat
zwart/wit, wat minder genuanceerd overkomen, hoewel dat in mijn
schrijverij meestal niet de bedoeling is. Lichaamstaal is een niet
onbelangrijk aspect van communiceren. Toch probeer ik het eerst op deze
wijze.
Proloog
Ondanks vaak nog redelijk positieve taaltellingen (veelal uitgevoerd
door 'eigen kring') hoeft het m.i. geen betoog dat streektalen, m.n.
het Nedersaksisch (NS) in aantal werkelijk actieve gebruikers in een
sneltreinvaart achteruitholt.
Arend ten Oever (vz. SONT) maakte de opmerking om 'een strategie' te
bedenken om beslissers over het Deel III actief over te streep te
trekken. Volgens mijn verwachting van bestuurders laten die zich
(graag) niet over de streep trekken en moet je een strategie natuurlijk
niet achteraf of halverwege de rit nog moeten bedenken maar had bij de
verantwoordelijke aanvragers al ruim vantevoren bekend moeten zijn. Zo
gauw het doel wordt vastgesteld moet een passende strategie worden
bedacht om dat doel te bereiken. Eerst dan heeft een daadwerkelijke
aanvraag kans van slagen. Helaas heeft het - ongetwijfeld -
enthousiasme voor het doel geprevaleerd boven een gedetailleerde
uitwerking van de te bewandelen weg om dat doel te bereiken en is
blijkbaar onvoldoende of geen rekening gehouden met een 'what-if' als
de erkenning niet direct of op z'n minst spoedig zou worden afgegeven.
Het zij zo.
Ontbrekende eenheid
Van nagenoeg alle lokale streektaalinstellingen (Schrieversronte, Huus
van Taol, Staring Instituut, enz.) durf ik te beweren dat het allemaal
behoorlijk introverte clubjes zijn die - ook onder de paraplu van SONT
- totaal geen eenheid zijn of op z'n minst uitstralen. Dit werd op de
bijeenkomst (17/6) nog weer eens duidelijk benadrukt door het korte
intermezzo tussen Arend ten Oever en Jan Germs. De SONT heeft m.i.
hierin tot dusver ook niet of nauwelijks een steentje bijgedragen. Vaak
blijken - zoals in de politiek wel vaker - de 'poppetjes' belangrijker
dan het gezamelijk nastreven van het doel. Van de andere instelling
hoor ik vaak het zelfde probleem maar van de Schrieversronte (sSr) heb
ik dit al zo vaak zelf meegemaakt zodat ik wel moest afhaken om daar
nog langer bij te willen horen.
Een paar voorbeeldjes
- Onder het motto 'Een taal die zichzelf respecteert hoort (een paar)
klassiekers te hebben' wilde ik voor de sSr de Bijbel in het
Stellingwerfs vertalen. Toenmalig dir. Pieter Jonker (PJ): Wat heb je
daar nu aan; maak jij maar een gedichtenbundeltje. Vervolgens
adviseerde hij de gemeente(n) ook negatief!
- Op de begrafenis van mijn broer (Oene, ook fanatiek Stellingwerver)
had ik zijn hele levensloop in een rijmdicht samengevat en bood dit aan
om als een 'In Memoriam' in het streektaalblad van de sSr 'De Ovend' af
te drukken. PJ: Nee, dat moet maar niet. We vragen Rienk Klooster wel
even.
- In de kerk van Oldeberkoop zou de Johannes Passion in de streektaal
worden opgevoerd. Ik had een vertaling nagenoeg klaarliggen. PJ: Nee,
dat moet maar niet. We vragen Boele Land wel even.
- Zo kan ik nog drie bladzijden doorgaan.
De hierboven (verifieërbare) voorbeelden tonen goed aan hoe je
gefrustreerde vrijwilligers kweekt, die vervolgens (dus) afhaken. Ik
kan meer dan een handvol namen noemen die de laatste jaren door PJ maar
vooral ook door de huidige voorzitter en directeur van de sSr 'tot et
nust uutwarkt binnen'. Andere dan eigen initiatieven worden blijkbaar
niet op prijs gesteld. Natuurlijk heb ik hier ook een foute strategie
gebruikt. Ik had eerst op m'n knieën gemoeten en nog meer met de
strooppot langs moeten gaan.
Mijn strategie
Vervolgens heb ik dus wel een strategie bedacht en ben die gaan volgen.
Als eerste ben ik mij in het Friese schrijverswereldje gaan roeren en
maakte goede contacten, o.a. ook met de gerenomeerde instellingen als
Afûk, Fryske Akkedemy, Tresoar en de provinciale beleidsmakers. Er
kwamen gedichten van mijn hand in o.a. Friese uitgaven, op grote borden
langs de Afsluitdijk en in een uitgave van het verdronken dorp in
Zeeland. Bij de KNAW in Amsterdam kreeg ik kennis aan o.a. de directeur
(Hans Bennis, die trouwens ook tegen opwaardering naar Deel III van het
NS is!) en in Den Haag zijn de politici uiteraard - o.a. via het
secretariaat of de fracties - gemakkelijk toegankelijk. Dat op de
SONT-bijeenkomst de vraag werd gesteld om adressen van politici gaf
duidelijk weer zo'n bekrompen (of is het een onbekende?)
gedachtenwereld aan!
Via een woordenboekuitgave in Oostende (B) kreeg ik enige jaren geleden
gemakkelijk toegang tot o.a. de universiteiten van Antwerpen, Gent en
Brussel. Het zal je niet verbazen dat de stappen naar de wandelgangen
van de EU dan niet zulke grote sprongen meer zijn. Ja, ook daar kan ik
een aantal personen rechtstreeks benaderen. Voor het verwerven van
kennis heb ik intussen wereldwijd veel Nedersaksische kennissen via
LL-L (in o.a. Japan, Amerika, Zuid-Afrika, Rusland, Duitsland,
Engeland, enz.) waarme ik bijna dagelijks e-mailcontact onderhoud om
vooral NS taalkundige vraagstukken in de hele breedte te bespreken. Met
enige regelmaat ben ik met plaatselijke vrienden in de bibliotheken van
Bremen en Hamburg te vinden. Door allerlei van dit soort contacten
kreeg ik onlangs bijv. nog een uitnodiging tot deelname aan een
internationaal congres over de Beatrijs (september 2011, zie bijlage).
Ook hier zal ik ongetwijfeld de créme de la créme van adviseurs op
taalgebied van de regering treffen (en zeker ook aanspreken).
Terug naar de zaak
Er zijn geen of maar weinig personen die de afgelopen jaren meer in het
NS hebben geschreven en gepubliceerd dan wij van de stichting
Stellingwerfs Eigen, maar zijn daar kortgeleden abrupt mee gestopt. Een
beetje kritiek en polemiek - waar je gewoonlijk allemaal sterker van
wordt - wordt in het SONT-gebied niet op prijs gesteld. De gekozen
strategie: liever doodzwijgen! Ik voel me dan ook niet meer geroepen om
het kneuterige wereldje van de Stellingwerven en ook het niet minder
kneuterige hele SONT-gebied te helpen om uitsluitend met zoete
verhaaltjes echt wat te bereiken. Door het voornamelijk bezig zijn met
het in en voor zichzelf uitdragen van het NS (het preken voor eigen
parochie zoals Arend ten Over op 17/6 in zijn openingswoord ook weer
deed) creëer je uitsluitend een stel kritiekloze ja-knikkers maar
daarmee komen we natuurlijk geen stap verder. Hoezo we? Ben ik dan toch
wel voor Deel III? Erger nog, ik vind eigenlijk dat het NS (historisch
gezien) meer recht zou hebben gehad als eerste landstaal te dienen dan
het rond 1600 in elkaar geknutselde ABN. Maar toen heeft het NS de
eerste klap (die van de daalder) reeds verloren!
Huidige situatie
Dat een nog behoorlijk - maar zeker minder dan de taaltellingen uit
eigen kring ons willen doen geloven - aantal mensen de streektaal NS
graag wil bewaren is een goed ding en vanzelf ieders goed recht. Nut of
noodzaak om op gelijke voet met het Fries gesteld te worden is evenwel
in mijn optiek niet nodig, overbodig en duidelijk een stap te ver. Deel
II geeft ons voldoende ruimte om het NS te gebruiken. Ook in de
Stellingwerven kunnen we de gemeentelijke en provinciale bestuurders
gewoon in het NS aanspreken of schrijven. In de praktijk komt dit
evenwel (door navraag) nagenoeg niet voor. Voegt Deel III dan iets toe?
Nee, ik geloof daar niet in. Het zal de onderlinge strijd (om de centen
en de poppetjes) alleen maar aanwakkeren en het NS zal er - gezien
bovenstaande voorbeeldjes/aanvaringen - niet bij zijn gebaat.
Light versie
In een aantal artikelen heb ik de zienswijze van Herweijer en Jans (NS
Waar het kan, 1-10-2008) al meerdere keren uitgebreid bekritiseerd. Dat
onderzoek had natuurlijk nooit vanuit de eigen parochie moeten worden
uitgevoerd! Ondanks alle geleerdheid wekt dit sowieso achterdocht in
Den Haag. De universiteit van bijv. Leiden of Tilburg was voor zo'n
haalbaarheidsonderzoek m.i. een betere keuze geweest. In de Leeuwarder
Courant (LC) heb ik een paar jaar geleden als eens de stand van zaken
op een rijtje gezet, met als slotconclusie: het NS is nog niet rijp
voor Deel III. Als door een wesp gestoken probeerde Henk Bloemhoff in
de volgende editie van de LC mijn ongelijk aan te tonen, o.a. met het
verhaal dat het het hier om een 'light versie' zou gaan waar eigenlijk
geen directe rechten en plichten aan zouden zijn te ontlenen of extra
kosten vergen. Helaas, en Bloemhoff weet dat als geen ander, zo werkt
het in de praktijk natuurlijk niet. Deel III is Deel III en de
aanvaarde zevenendertig ambities zullen met alle bijhorende minnen en
plussen ingevuld moeten worden, inclusief alle rechten, plichten en
kosten die daarbij horen. In de huidige tijd van bezuinigingen zitten
noch het rijk, noch de provincies, noch de gemeenten (noch de burgers)
te wachten op extra uitgaven die zeker voortvloeien uit Deel III, ook
bij die van een light versie.
Visie
Erkenning onder Deel III zal in een aantal provincies, zoals vooral
Friesland maar ook Gelderland, een (soms) onwerkbare situatie opleveren
in vooral bestuur en rechtspraak. Een - door slechts een zeer
bescheiden aantal personen gewenste - hogere erkenning onder Deel III
mag en kan niet als hoger doel worden nagestreeft boven de te
verwachten warboel van bijv. verplichte drietaligheid (Ned., Frysk en
Stell.) bij de rechtbank in Leeuwarden of in de gemeentehuizen en
scholen van de Stellingwerven. Van het reeds jarenlang bestaande recht
om de Friese taal in de rechtbank te mogen gebruiken wordt nu trouwens
nauwelijks gebruik gemaakt. Omdat het merendeel van schoolmeesters en
juffers in Stellingwerf Nederlands- of Friestalig zijn en er vaak
totaal geen interesse bestaat in een uurtje Stellingwerfs (eigen
Tomke-onderzoek, gepubl. in Liende-08-09), zie ik ook de ambitie van
het aanleren van de streektaal door de jeugd niet haalbaar, of ten
koste van andere vakken gaan en de kosten voor onnutte opleiding van
meesters, juffers en ambtenaren zal weggegooid geld zijn. De
'poppetjes' van de huidige streektaalinstituten zullen er hooguit wel
bij varen. Dwang of gedram zal hier geen positieve bijdrage aan kunnen
leveren.
En dus
Resteert eigenlijk alleen de wens van een enkeling met als voortrekkers
de paar medewerkers en trawanten van de streektaalinstituten die de
geldstromen uit Brussel/Straatsburg met grote dollartekens in hun ogen
al op zich af zien komen. Maar als we de huidige besteding van
financieën van de verschillende streektaalinstituten bestuderen blijkt
dat er maar erg weinig geld direct wordt besteed aan het uitdragen en
'anvieteren' van het gebruik. Met uitzondering van een paar goed
uitgevoerde (woorden)boeken zijn de paar streektaalromannetjes en
gedichtenbundels in mijn beleving de miljoenen die er nu in omgaan echt
niet waard. Het meeste geld gaat op aan behoorlijk vette salarissen en
pensioenvoorzieningen van slechts een paar mensen. Tel daarbij de ego's
en lange tenen, dan zie ik inderdaad alleen maar meer strijd om de
centen en om het pluche. Ik wens daar niet aan mee te werken en als
gewoon burger, resp. belastingbetaler wens ik m'n goeie geld daaraan
niet besteed te zien.
Verwachting
In de vele gesprekken die ik hier en daar in allerlei wandelgangen heb
gevoerd is mij (gevoelsmatig) gebleken dat een hogere erkenning voor
het NS er ook nu niet gaat komen. Niemand van de dames en heren
politici kan hiermee 'scoren' maar slechts alleen z'n vingers aan
branden. De belangrijkste adviseur op dit gebied, de Taalunie: het zal
ons niet opnieuw gebeuren zoals toendertijd met het Fries is gebeurd.
(De Taalunie was toen helemaal geen advies gevraagd!) De Taalunie is
uitsluitend ter bescherming en bevordering van het ABN en vindt
dialecten en andere 'streekgewassen' alleen maar lastig en onhandig.
Ook Hans Bennis (KNAW) heeft bijv. enige tijd geleden als forumlid in
de Saxion Universiteit te Enschede nog een heel anti-pleidooi gehouden
en zo zijn er meer.
Resumé
Resumerend koester ik dan ook alle hoop op een niet-inwilligen van het
verzoek om erkenning van het NS onder Deel III en hoor - behalve uit de
streektaalinstituten zelf - geen enkel geluid dat anders doet
vermoeden. Inderdaad, de voorbereiding was niet best, de aanvraag geeft
een sterk vertekend beeld van de werkelijkheid, er is onvoldoende
draagvlak van burgers voor rechtvaardiging, het NS is verre van een
eenheid en erkenning onder Deel II geeft iedereen al voldoende ruimte
om het NS overal waar en wanneer we willen, ook nu reeds te gebruiken
en dus is het NS gewoon niet 'rijp' voor een hogere status van
erkenning onder Deel III.
In het vertrouwen met deze toelichting voorlopig te kunnen volstaan, steeds bereid tot nadere toelichting en
Mit een vrundelike groet uut Stellingwarf,
Piet Bult (secr. Stichting Stellingwerfs Eigen)
PS: Het gebruik van 'ik' en 'wij' in dit schrijven wordt wel eens door
elkaar gebruikt. Hoewel deze schrijverij in principe weliswaar op
persoonlijke titel is geschreven is daarover ook steeds overleg binnen
het stichtingsverband geweest.