Bloemhoff
Terug naar Artikelen
Wêrom nei Artikels
Weeromme naor Artikelen
Download kraanteartikel van Bloemhoff
Home
Bloemhoff over Diel III: Yes we can! (NOT)
Klik op het plaatje voor een vergroting
Zwatkieker
Et veurbeeld over et streektaelgebruuk in zieke- en bejaordehuzen (zie:
download) vien 'k wel wat een zwak punt van Bloemhoff (LC 30/4). Mar
dat alderdeegst zoe'n ienvooldige ambisie dommiet in de praktiek ok
waormaekt wodden zal, staot ok onder Diel III nog mar te bezien. Een
uurtien Huus en Hiem op de lekaole radio en krek zoe'n uurtien
Hiemkunde op de legere schoele is ok niet van et grootste belang. Dit
raekt de overhied allemaole nauweliks en bin dan vast ok gien
zwaorwegend argementen te numen om tot Diel III te kommen. Daj' sund de
jaoren tachtig - alderdeegst bi'j raodsbesluut - tegen de
baentiesmannen van de beide gemienten kroempraoten meugen is hier onder
Diel II dan ok al lange meugelik en daor hewwe Diel III dan ok niet
veur neudig. De beide heren van de rechtenfakulteit (RuG) kun now wel
zéggen dat zi'j in zaeken as bestuur en rechterlike macht gien
wetswiezigings neudig achten en dat rechters in die gevallen onder
mekeer mar wat bekonkelfoezen moeten, mar as die deur veraanderde
omstaandigheden of deur eekmiegers ofdwongen wodden (kunnen), dan
zullen ze wel moeten. Nee, as Bloemhoff niet mit wat starkere
argementen komt dan blief ik nog even bi'j mien konklusie: numeriek dan
misschien wel mar et Nedersaksisch is nog niet echt riepe veur Diel
III. Wat hoolt 'de behoefte van et grote pebliek' trouwens eins in en
wat bi'jglieks te daenken van veurstellen van de heren dat et toezicht
en verslaggeving et beste an een toezichthoolder uut eigen kring
overlaoten wodden kan? Mar goed, dat baentien gun ik Bloemhoff van
hatte.
Piet Bult, Ni'jberkoop, 30-04-2009
Download kraanteartikel van Bloemhoff
Status van et Stellingwarfs (oktober 2025)
Sinds ergens rond 1996 is het Nedersaksisch (NDS) in NL erkend als
minderheidstaal onder Deel II van het Europees Handvest voor regionale
talen of talen van minderheden.
Na een paar mislukte pogingen, met o.a. hulp van rechtskundigen M.
Herweijer en J.H. Jans, om het NDS onder Deel III van het Europees
Handvest te krijgen, is er in 2018 een convenant
gesloten tussen de Rijksoverheid en meerdere provincies / gemeenten
waarin het NDS weliswaar wordt erkend als 'wezenlijk, volwaardig en
zelfstandig onderdeel van de taalsystematiek binnen Nederland' maar
wordt geen of te weinig moeite gedaan een duidelijk toekomstgericht
plan te presenteren.
Men spreekt af middelen en beleid beter af te stemmen, stimuleren van gebruik, onderwijs en behoud.
Volgens onderzoek van de universiteit van Groningen wordt het NDS in
huiselijke kring in heel Nederland en door jongeren hoe langer hoe
minder gebruikt.
Volgens het CBS spreekt plm. 5% 15-plussers thuis een regionale taal
(niet per se NDS, maar inclusief bijv. het Zeeuws en stadsdialecten).
In de provincies Groningen en Drenthe bestaat een hoge spreekvaardigheid maar een dalend thuisgebruik.
In Twente, de Achterhoek en delen van Overijssel en Gelderland is de traditie nog redelijk sterk aanwezig.
Er is een afnemend gebruik thuis, meer mensen herkennen de streektaal
wel maar gebruiken het zelf niet, overdracht van ouders naar kinderen
neemt sterk af en er wordt geen aandacht, onderzoek en lesmateriaal
meer gevraagd.
In Drenthe spreekt ongeveer 1 op 3 personen boven 15 jaar NDS.
In Groningen is dat ongeveer 1 op 4 personen.
In Overijssel is 1 op 5.
En in Gelderland spreekt nog ongeveer 1 op 10 thuis NDS.
Het NDS wordt dan het meest gesproken door 55-jarigen en ouderen.
Let wel: we hebben het hier over het - kunnen - spreken.
Persoonlijk waag ik te betwijfelen of meer dan de helft van de sprekers hun regionale versie ook redelijk kunnen schrijven.
In een laatste telling van 2016 waren er nog plm. 5.000 native sprekers
van de totaal plm. 52.500 inwoners van de beide Stellingwerfse
gemeenten, Oost- en Weststellingwerf, ofwel 1 op 10.
In een taaltelling van tien jaar eerder was het nog ongeveer de helft
(Ost 48,8% en West 64,6%) van de inwoners die aangaf het Stellingwerfs
te kunnen spreken.
Bron: Bloemhoff 2006)
Een telling van K. Boelens in 1956 laat zien dat er toen door 70 tot 90% van de bevolking de eigen streektaal sprak.
En nu...
Er is een voorstel (amendement) gedaan om beleid te ontwikkelen dat
Nederlands, Stellingwerfs en Fries gelijke ruimte geeft in de gemeente.
Dit wijst op actuele politieke aandacht voor het gebruik en erkenning
van Stellingwerfs, wat suggereert dat het taalgebruik en de identiteit
ervan nog steeds relevant zouden zijn.
Bron: Beleidsradar.nl
De provinciale subsidie voor projecten rond Stellingwerfs is in 2021 voortijdig ingetrokken.
Dit zou een indicatie kunnen zijn dat er minder middelen / investering
beschikbaar zijn; mogelijk minder recente onderzoeksinitiatieven.
Bron: Inno Fundig bv
Mijn persoonlijke conclusie
Het lijkt duidelijk te zijn dat het gebruik van de streektaal, en in
het bijzonder het Stellingwerfs, duidelijk afneemt. Als grootste
probleem zie ik streektaal-overheid, in de vorm van een 'instituut'
zoals de Stellingwerver Schrieversronte. Ik noem hen meestal de
'Taelplisie' want als je niet volgen hun regels tewerk gaat dan mag je
niet meedoen en worden al jouw initiatieven niet in behandeling genomen
(zie ook hieronder, mien anbod an Bloemhoff). Hoewel je het projekt van
de 'Biebel in het Stellingwrfs'
toch niet kunt onderschatten, werd dit projekt niet gesteund door het
instituut en dus ook niet door de gemeente Ooststellingwerf. Ook een
vervolg projekt 'Edu-Stellingwerfs' is door deze houding van het
Instituut en de zelfde gemeente gesneuveld.
Naar aanleiding van jarenlange ervaringen (ook van broer Oene) is het instituut erg prettig met vooral zichzelf
bezig en duldt het geen inmenging van buitenaf. In september 2020 kreeg
ik van een Stellingwerfse bewoner een artikel uit het Friesch Dagblad
toegestuurd over de uitgave van een boek van dr. Henk Bloemhoff, over
het Saksische Stellinga. Dr. Bloemhoff probeerde in zijn boek een
verband te leggen tussen de Stellingwerven en de Stellinga van et
Karolingse Riek. Nu had ik, samen met nederduitse vriend, in 2007/2008
al eens vanalles rond dat thema uitgezoecht en dat kwam voor een groot
deel niet overeen met de 'vondsten' van dr. Bloemhoff.
In de vroege middeleeuwen speelden zich in de omgeving waar ik nu in
Frankrijk woon hele verhalen af van bedoelde Stellinga rond 841-843. Ik
heb dr. Bloemhoff aangeboden om een paar middagen in de bibliotheken
van Poitiers en Auxerre wat bijzonderheden voor hem op te zoeken. Zie
mijn e-mail van 17-09-2020. Dhr. Bloemhoff nam niet eens de moeite om te reageren...
© Piet/er Bult, feb. 2026
Download kraanteartikel van Bloemhoff
Beste Henk Bloemhoff,
Et is en blift eins hatstikke jammer dat jow en de Stellingwarver
Schrieversronte de saemenwarking mit oons en oonze stichting
Stellingwerfs Eigen, doedestieds (2002 – 2012) altied en stille
zwiegend uut de weg gaon en bleven binnen.
Kotleden kree'k een artikel uut de kraante toestuurd mit jow
uutvienings over de 'Stellinga' (FD 27/8). Ik weet niet krek waj' now
in je boekwark beschreven hebben mar omdebi'j 2007/2008 heb ik, tegere
mit een Nedersaksische kroniekschriever uut et Duutse Leeg-Saksen, een
protte van dit ni'js al es op pepier zet. Et meerste hawwe doe
uutvunnen in de biebeltheek van Hamburg. Op 't heden staot d'r ok al
een protte over op et internet.
Ik bin d'r zo goed as wisse van dat de deur jow nuumde Saksische
Stellinga gien direkt verbaand holen mit oonze Stellingwarven van
vandaege de dag. In disse kontekst bin de 'Stellinga' een -tiedelijk-
'verbond' (stellingabunde), van Duutse komof. En waor oonze
Stellingwarven naor nummd binnen, bin, neffens jow eigen zeggen,
rechters (stellingen) die rechtspreuken bi'j konflikten (wao'k ok an
twiefele). D'r bin dan ok meer honties die as Fikkie hieten en de
Stellinga die jow now benumen bin een stel 'frilingi' (van oorsprong vri'jen) en 'lazzi'
(vri'jlaoten slaven) die rond 841-843 in dat Stellingaverbond optrokken
naor et Karolingische riek om daor alderhaande vaeks godsdienstige
stried (domini vs. domini) te leveren.
Iene van de bekendste slaegen was de slag bi'j et (now) Fraanse Fontenoy-en-Puisaye in 841. Lees de 'Serments de Strasbourg' (Eed van Straatsburg) d'r nog mar es op nao. Aj' goed lezen dan koj', deur et 'Traité de Verdun'
(Verdrag van Verdun), de kenneksie mit Nederlaand daor ok al in tegen
(Lotharius I, AD 843). As de Letiense tekst je te vule is, kuj' die 'Illustribus Ecclesiae Scriptoribus' en aandere warken van de bekende Liwadder Suffridus Petri (Sjoerd Pietersz) ok wel in et Engels kriegen, he'k begrepen.
Jow Lodewiek de Vrome numen wi'j hiere 'Louis le Pieux', die op 11
april 778 vlakbi'j Poitiers geboren is. Et kan, donkt mi'j, niet mis,
dat d'r in Poitiers bi'j de historici daore wel et ien en 't aander
over die Louis bekend is. Dat zelde gelt vanzels ok veur Karel de Kaele
(Fraans: Charles le Chauve). Daorveur kuj', neffens mi'j, et beste in
die zien geboorteplak Frankfurt terechte.
Tegenwoordig woon ik percies in dat Fraanse rebeid (et noorden van
Nouvelle-Aquitanië) tussen Auxerre en Poitiers, hool mi'j nog wel es
wat doende mit toponymie (meerst Gallische herkomst van plaknaemen van
zo rond et begin van oonze jaortelling) en, hoewel et mien interesse
niet meer zo het, zol et veur mi'j eins gien muuite wezen moeten om
daor es naovraoge te doen en es wat historische feiten over jow
Nedersaksische Stellinga op te zuken, in de lekaole biebeltheken. Dat
ja, a'k es wat veur je doen kan dan laot me dat mar es weten...
Piet Bult. La Trimouille (F)
PS 1: Jammer. Waoromme mos dit onderzuuk now weer zo neudig in een
boek? Publiceer et toch liever op internet. Kost een stok minder en dan
kan jan en alleman over de hiele wereld mitdoen om je wiezer maeken...
PS 2: Ik hebbe hierover ok een inzunnen stokkien naor o.e. et FD toe stuurd. 'k Zol niet weten as dat plaetst wodt of is...
*
Download kraanteartikel van Bloemhoff
Dhr. Bloemhoff het de muuite niet iens neumen om op mien anbod te reageren...