Verlost
van Ophelia
Excuses en respect
Verantwoording
Françoise
De ééndimensionale mens
Poppenkast
Twee bijzondere ontmoetingen in één
Drie autipasjes
Alois
Psycho Crypto
Bordeaux
Chattaal
Chlochard voor één nacht
Achterflap
***
Excuses
en respect
Eerst
wil ik mijn oprechte excuses maken en mijn respect uitspreken voor al
die 'echte' autisten, all over the world. Vergeef mij dat ik af en
toe wat cynisch over autisme en autisten spreek. En vooral ook
over psychiaters, die zelf maar al te vaak denken dat zij de norm zijn,
maar waarvan
sommige, naar mijn gevoel, feitelijk meer hulp nodig hebben dan wij.
Q. -
Hoe is het om alleen in Nederland
autist te zijn maar daarbuiten niet...?
Tja, goeie vraag, Jantje...
Zoals in dit e-boek blijkt
komt
het inderdaad voor dat je in het éne land wel en in het andere land
niet als autist kunt worden aangemerkt. Vervelend genoeg is de
éénwording
van Europa tot nu toe eigenlijk alleen voor de elite bedoeld. Het
gewone volk wordt met een paar kleine ditjes en datjes, waar ze
goudgeld voor moeten betalen (bijdrage aan Europa), zoet gehouden,
waarvan minder grenscontrole en met het zelfde geld in verschillende
landen kunnen betalen, de bekendste zijn. Vooral voor de gehandicapte
en zwervende medemens, is Europa een drama. Probeer in NL maar eens
rond te rijden met een GPK achter je voorruit. Daarvoor moet je dus
vooraf aan je zwerftocht bij iedere gemeente die je al dan niet per
ongeluk binnenrijdt en waar je even zou willen stilstaan, weten, of
je moet betalen en hoe lang je ergens mag parkeren. Vrijwel het
zelfde geldt voor de zgn. eco zones. En waarom hebben we nog altijd
geen EU kenteken? Zo kan ik nog wel even doorgaan. Dat een diagnose
niet
zondermeer wordt erkend in verschillende landen heeft te maken met
argus-fraude. Men is in verschillende landen zeer argwanend voor fraude.
Q. - Wat is autisme volgens de
cynicus in mij...?
Tja, alweer een
goeie vraag, Jantje...
Autisme
wordt tegenwoordig gedefinieerd in twee symptomatische dimensies, te
weten:
– aanhoudende tekorten in communicatie en sociale
interacties, waargenomen in verschillende contexten en
–
de beperkte en repetitieve aard van gedrag, interesses of
activiteiten.
Er wordt vaak vergeten dat de onderzoeker / analist voor een groot
deel, deel uitmaakt van de uitslag van het onderzoek.
Dit (in) hokjesdenken (categoriseren volgens DSM en ICD) is een
egocentrische geaardheids-eigenschap van onze psych wetenschappers.
Psych wetenschappers willen het brein graag begrijpen om meer invloed
(macht) op de mens te kunnen
uitoefenen.
In hokjes denken is voor psychs (vrij simpelsofte zielen) gemakkelijker
dan
het te moelijke creatieve of het nog moeilijker dynamisch denken.
Hokjesdenken werkt discriminatie en racisme in de hand.
Q. - Wat heeft IQ met autisme te
maken...?
Ha,
ieder mens is anders en samen zijn we een
kleurrijk geheel.
Een West-Europees mens met een gemiddeld
IQ van 100 (tussen 85 en
115), kan o.a. psychiater
of psycholoog worden.
Veel Asperger autisten zijn begaafd met een IQ van 115 –
130, sommige zijn hoogbegaafd met een IQ => 130.
Van veel wereldberoemde mensen (Albert Einstein, Bill Gates, enz.)
wordt aangenomen dat zij autist waren of zijn.
Dat redden veel of
zelfs de meeste psych-figuren niet, schat ik, zeker niet als je dit
document beleeft.
Wat ik bij psych Schreiber heb ondervonden is net of je een gemiddeld
kind vraagt om het
autorijden van een volwassene te beoordelen, of dat een leerling het
kennis-niveau
van een docent gaat beoordelen.
Zeker gezien de klachtenlijst van Monique met, en ook de
veronderstelling van psych Buruma met neiging tot het syndroom van
Asperger heeft psych Schreiber natuurlijk verzuimd o.a. een IQ-test bij
mij
af te nemen.
Al voordat ik Monique leerde kennen, was er bij mij al twee keer een
IQ-test afgenomen.
Monique wist dat niet en psych Schreiber hoefde of wilde dat blijkbaar
niet weten.
***
Verantwoording
Verlost van Ophelia is een documentaire case study van Piet/er Bult
(1946), wonende te La Trimouille (F) maar feitelijk vooral zwervend in
West-Europa. In leven was Piet/er tot de etikettering door arts /
psychiater Tanja F. Schreiber de rust zelve. Nadat hij dat
aspi/auti-etiket in 2008 door haar opgeplakt heeft gekregen lijdt hij
voortdurend aan het syndroom van Ophelia, is zichzelf vaak niet meer maar
gedraagt zich zoals van een aspi/auti wordt verwacht, rusteloos en
suïcidaal levend als zwerver in West-Europa. In het najaar van 2013 is
hij door zijn tweede partner Monique Hoftijzer (1963) beroofd van al
zijn bezittingen en ingeruild voor zijn, tot dan, beste vriend.
Deze case study 'Verlost van Ophelia' zal als e-boek verschijnen en ook
op het web worden gezet om belangstellenden een inkijkje en daarnaast
informatie te leveren in de werkwijze en de mogelijke gevolgen zoals ik
heb ervaren van een stel werkers in de medische wereld in het noorden
van Nederland, met name GGZ-etters in Fryslân, en psychs van het
Autisme Team Noord-Nederland, Lentis / ATN in het bijzonder. 
Dat dit - deels medisch - dossier met naam en toenaam in de
openbaarheid kan en mag worden gebracht is met name te danken aan de
arts kinderpsychiater, mevrouw Tanja F. Schreiber, psych bij Lentis /
ATN te Drachten, tot 2011 werkzaam bij GGZ Frl, haar advocaat mr. M.R.
Gans van Plas Bossinade in Groningen en het RTG
(Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (RTG) in Groningen
want...
In het door mij aangespannen proces jegens psych Schreiber bij het
RTG in Groningen verscheen tijdens de hoorzitting op 06-09-2016,
mijn gehele medisch dossier van GGZ Frl en tevens mijn dossier bij
Lentis / ATN. Ondanks mijn protest met verzoek om het proces daarom
(deels) achter gesloten deuren te voeren en/of de in het geding
gebrachte stukken als onrechtmatig verkregen bewijs te bestempelen,
bleef het RTG vasthouden aan de openbaarheid, waarbij de door het team
Schreiber in het geding gebrachte stukken onverkort gehandhaafd konden
blijven. Zie o.a. artikel in het DvhN (hiernaast) van 07-09-2016.
NB:
Het publiceren door mij, is vooral ontstaan naar aanleiding van het, op
mijn
verzoek van november 2023 aan GGZ Frl, niet kunnen of niet willen
aanreiken van de
in 2008 gestelde diagnose, de methode, test/en en een korte
toelichting, zoals op 14-11-2023 per e-mail aan mij gevraagd door "L’équipe Autisme Info Service", te
Clamart (92140).

NB
(Mentions légales)
Dit boek is begonnen
als een eenvoudig dagboek, bijhouden wat er gebeurt en wat ik nog
moet (bij)leren.
Mocht
een belanghebbende lezer dezes een klacht jegens - een deel van - de
inhoud van dit e-boek of op de van toepassing zijnde inhoud van de
website willen indienen dan let wel: Zowel op het e-boek als op de
van toepassing zijnde inhoud van de website is in beginsel, vanwege
mijn woonplaats in Frankrijk, het Franse recht van toepassing. De
'conseiller de justice' (kosteloze justitiële bemiddelaar) van
mijn arrondissement bevindt zich in Poitiers, hoofdplaats van het
departement Vienne (86). Uiteraard hoort een minnelijke schikking
ook tot de mogelijkheden. (E-mail:
bult.pieter@orange.fr)
Piet/er Bult
De
slash '/'' in de naam maakt het verschil tussen roep- en doopnaam.
***
In een
voorstadje van Marseille, stond ze net als ik al een
tijdlang aan de kant van het veld wat stilletjes naar het spel van
twee jongemannen te kijken. Dat kijken naar het spel deed ik eerst ook
maar nadat mijn oog op haar was gevallen, heb ik weinig meer van het
spel gezien. Ze leek me een spécialité en je kunt je aandacht maar
bij één ding tegelijk hebben, nietwaar.
Naar ik later
begreep, stonden we te kijken naar een wedstrijdje tussen haar broer
en een zwager. Toen die twee waren uitgespeeld, daagde zij één van
hen uit maar helaas, hij had beslist geen zin meer. Ze draaide zich
in mijn richting en onze ogen raakten elkaar. Ze wenkte mij
uitnodigend met een licht nikken van haar hoofd en ik stemde in. We
speelden een ontspannen spelletje tête-à-tête. Het kostte mij
eigenlijk maar weinig moeite haar twee keer achter elkaar te
verslaan.
Ze wilde nog graag één revanche, zei ze, maar dan
moest er wel iets op het spel staan. Het moest ergens om gaan. Dan
speelde ze beter, zei ze. 'Zullen we
vijf of tien euro inzetten?'
stelde ze voor. 'Of, jij mag de hele
avond vrij van mij drinken of
jij houdt mij vrij,' was haar tweede idee. Het leek mij best een
gezellige madame dus ik koos voor het laatste. En je weet maar nooit
wat er dan verder nog achter weg kan komen, was mijn stille gedachte.
Of was het stilletjes een wens?
Al in de eerste mène kreeg ik
spijt. Ze miste werkelijk niet één keer. En ze liet niet alleen
mijn boules maar ook mij persoonlijk alle hoeken van het speelveld
zien. Ze was daarbij wel zo slim om mij tegen het einde van de partij
één punt te gunnen. Ongetwijfeld had de blik in mijn ogen verraden
wat ik bij een zero als 'Fanny' in gedachten zou hebben.
Gewoonlijk
heb ik genoeg aan een paar biertjes of colaatjes. Helaas, Françoise
was inderdaad een echte spécialité en ook nog eens een deftige
drinker. We dronken eerst een paar glazen Pastis als voorgerecht en
gingen vervolgens al rap over op Kir Imperial. Toen ik na een paar
uurtjes heel even dacht dat het misschien toch nog een leuke avond en
zelfs nacht zou kunnen worden werd ze opgehaald. Of het haar vader,
broer, zwager of een taxichauffeur was, weet ik niet maar ik zat die
avond wel met een stevige schadepost en de volgende morgen met nóg
een fikse kater. Zal ik dit maar tot het lesgeld rekenen? Er is mij
trouwens altijd verteld, dat petanque helemaal niet een dure sport
is...
Uit
mijn bundel 'Petanque op klompen'
***
De
ééndimensionale mens
De meeste mensen weten het antwoord niet op de simpele vraag, "Hoe is het ? Hoe gaat het met je ?" De reden waarom ze dat niet weten, is dat ze een bepaalde (sociale) druk voelen door wat ze geacht worden te voelen, wat ze geacht worden te denken en dat ze daardoor nooit toekomen om de eigen diepste gevoelens te onderzoeken.
(Bron: Psychologist S.I. Hayakawa, in 'What does it mean to be creative ?')
In de
nacht van 26 op 27 oktober 2015 heb ik op een fraaie
camper-parkeerplaats in Morella, in Spanje een spontaan, heftig en
tot dwars door de nacht durend gesprek gehad met een leuke dame van
de GGZ op de Veluwe. De volgende dag kreeg ik van haar een – stevig
gelijfd –
boek waar ik veel van mijzelf in herkende, 'Angel at my table',
van de Nieuw-Zeelandse schrijfster Janet (Jean) Frame (1924-2004).
Mede gedreven door dat persoonlijk verhaal van Janet, heb ik toen –
met redelijk resultaat – een tuchtrecht procedure gevoerd tegen de
arts / kinderpsychiater, mw. Tanja F. Schreiber.
In
zowel 2015, 2016 als 2017 heb ik telkens ongeveer 30 à 35.000 km per
jaar solo rondgezworven door Europa. Tijdens al die trektochten heb
ik heel veel mensen en situaties ontmoet, en in alleen al het eerste
jaar onderweg ruim dertig boeken gelezen. Een heel stel flodderige
ééndags-romannetjes afgewisseld met zware kost. Eén van de boeken
uit de serie zware kost was 'One-Dimensional Man' (De
ééndimensionale mens), van Herbert Marcuse (1898-1979).
"De ééndimensionale mens kan zich alleen de werkelijkheid voorstellen, zoals die nu is en hij is niet bereid om naar verandering te streven."
Deze
twee boeken noem ik omdat ik er veel herkenning in aantref. In het
eerste boek vooral over erg fout
gelopen procedures in de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) in
Nieuw-Zeeland.
In het
tweede boek herken ik veel situaties waarin ouderen in tehuizen
momenteel (2020) verkeren. Donkere wolken en duistere krachten van
zorgleveranciers pakken zich samen rond o.a. opkomende
vergeet-achtigheid, mogelijk zelfs beginnende dementie. In de
ongeveer tien weken, verspreid over het jaar, dat ik bij een zus
logeerde herkende ik in haar hoe langer hoe meer die ééndimensionale
mens, zoals beschreven door Marcuse. Zus bezit in haar flat een
schijnvrijheid die sterk is gericht op: geen kritiek, geen geruzie,
geen gedoe, ofwel een volledige overgave aan het bevredigen van valse
behoeftes. Rond haar, bevinden zich veel zgn. hulpverleners en andere
externen, bijv. van thuis- of buurtzorg, die alleen de werkelijkheid
zien zoals zij vinden dat die
nu is, en niet bereid zijn of geen inzicht hebben om naar verandering,
resp. verbetering te
streven. Marcuse noemt dit verschijnsel: 'repressieve tolerantie'.
In
werkelijkheid worden deze ouderen in toom gehouden door een alles
verstikkend systeem. Door 'slecht
geïnformeerde' regressieve mensen
eenzelfde podium te bieden als 'goed
geïnformeerde', bevordert men,
volgens Marcuse, niet de tolerantie, maar alleen de status quo, die
de heersende machtsstructuren ongemoeid laat.
***
Poppenkast
'Volgens
mij ben jij een asperge!' roept Katrijn geïrriteerd tegen Jan
Klaassen. De kinderen in de zaal kraaien het uit van het lachen. Ha,
ha, Jan Klaassen met zijn rode puntmuts, groen jasje en gele broek,
lijkt toch in de verste verte niet op een asperge, hoe komt Katrijn
daarbij!
'Jij begrijpt nooit wat ik bedoel, snapt blijkbaar
niet wat normaal is en je vindt nooit de juiste toon of mimiek om je
emotie te tonen.' werpt Katrijn haar partner nog voor de voeten.
'Verder ben je slecht in het uit elkaar houden van letterlijke en
figuurlijke betekenissen, van wat ik tegen je zeg. Daar komt nog bij
dat je nooit weet wanneer jij je mond moet houden of dat er van je
verwacht wordt ook eens iets te zeggen.'
'Toe maar, toe
maar,' is de eerste en enigszins verschrikte reactie van Jan
Klaassen, 'net of jij zo normaal bent!' 'Ja, dat ben ik, ik
ben heel gewoon normaal, en jij bent een asperge.' herhaalt
Katrijn nog eens. 'Jij gebruikt altijd metaforen waar geen normaal
mens iets van begrijpt, en jij begrijpt nooit de beeldspraak van
anderen. Volgens mij ben je ook nog gedachtenblind, maar eerlijk is
eerlijk, je kunt ook wel eens erg origineel uit de hoek komen, dat
moet ik toegeven. O ja, en je verzameling roestige kromme spijkers
zou je ook wel eens mogen opruimen!'
Reflectie
Blijkbaar
hebben Jan Klaassen en Katrijn reeds enige tijd een communicatie-, en
wellicht zelfs een relatieprobleem, dat hier door Katrijn wordt
aangesneden. Door het benoemen van drie belangrijke kenmerken, wordt
het 'probleem' Jan Klaassen
door Katrijn neergezet als iemand met het
syndroom van Asperger, een vaak lichte vorm van autisme. Gezien hun
lachende reactie, herkennen de toeschouwertjes de kenmerken evenwel
geheel niet.
De duiding van Katrijn is oversterk en wordt
daarnaast ook nog eens behoorlijk gemoraliseerd en gegeneraliseerd
door het vele gebruik van 'jij nooit,
jij altijd' bewoordingen en
door de introspectieve uiting 'ik ben
gewoon normaal'. Katrijn heeft
een duidelijke eigen norm.
Mede gelet op de dyslectische
benaming van het bedoelde syndroom lijkt het gedrag van Katrijn
evenwel sterk op een uiterlijk vertoon van innerlijke zwakte en zoekt
zij daarvoor compensatie. In hetero-communicatie een wel meer
voorkomend probleem.
***
Twee
bijzondere ontmoetingen in één
Een
Franse vriendin (Lucy), zei een paar jaar geleden tijdens een
bijzondere
ontmoeting tegen mij: “Jij bent begaan met mij, merk ik.”
Daar was ik mij niet zo van bewust en moest er dus even over
nadenken. "Je hebt een scherp gevoel."
vervolgde ze. Ja en nee. Is 'begaan'
(meeleven) wel het goede woord? Ik ben zeer wel belangstellend in
mensen. In het bijzonder in mensen in mijn directe omgeving, zowel in
de fysieke als denkbeeldige omgeving. In de eerste plaats gaat het
vaak om familie vrienden en goede kennissen. Maar ook tijdens mijn
vele ontmoetingen onderweg, en soms voor een kort moment, kan ik
intens belangstelling voor iets of iemand hebben.
Een
goed voorbeeld is het verhaal rond mijn kennismaking met de
Nieuw-Zeelandse schrijfster Janet Frame (An angel at my table).
Het gebeurde in de nacht van 3 op 4 november 2015 in Morella (Spanje).
Ik kom aanrijden op een fraaie camper-parkeerplaats en zie vijf mensen
in een groepje bij
elkaar staan kletsen. De meeste campers hadden een NL-kenteken. Toen
ik stopte sprak ik het groepje ter welkom aan. Later op de avond zijn
we met zeven mensen (drie stellen en ik), vijf flessen en wat
knabbelnootjes, aan een picknick-tafel gaan zitten kletsen.
Tegenover
mij zat de man met het grootste woord. Hij sprak voortdurend over
grote campers, grote boten en ander groot en glimmend speelgoed voor de
rijkere man. Zijn
onderdanige vrouw, naast hem, beaamde telkens hoe geweldig haar man wel
niet was.
De andere twee stellen hingen aan zijn lippen en spraken ook telkens
over groot, glimmend en veel. Behalve die éne mevrouw die diagonaal
tegenover mij aan de tafel zat. Af en toe raakten onze ogen elkaar en
ik voelde dat zij zich – net als ik – niet echt op haar plek
voelde in dit grote en glimmende gezelschap. Ik heb dan een buurman
op mijn bankje gevraagd te willen ruilen van plaats.
's
Nachts om ongeveer vier uur merkten wij pas dat wij daar al uren
alleen met z'n tweeën zaten. Iedereen was al lang verdwenen en lag
waarschijnlijk al lang op één oor. Wij hadden n.a.v. Janet Frame, een
diepgaand gesprek over de psyche van mensen en de 'hulp' van de GGZ,
waar zij als medewerkster een paar weken geleden afscheid van had
genomen. De volgende
morgen kreeg ik bij het weggaan van die plaats het boek 'An angel at my table' van haar mee.
We hebben geen adressen of telefoonnummers uitgewisseld en ik weet
niet eens waar zij vandaan komt. We hebben elkaar dus nooit weer
gehoord of gezien maar die blijft me langdurig bij.
In een zo korte periode kan ik net als zij
blijkbaar, heel diep met iemand meegaan, zelfs meeleven met Janet
Frame die toen al ruim tien jaar dood was en waar ik nog nooit van
had gehoord. Ja Lucy, misschien lijk jij wel op die mevrouw, in de nacht van
25 op 26 oktober 2015, die in het
Spaanse Morella op een picknick-bankje diagonaal tegenover mij zat.
Dat zijn bijzondere ontmoetingen, met een gouden randje. Nu
ik even aan dat moment en aan die mevrouw terug denk, krijg ik
spontaan tranen in mijn ogen. Kun
je ongeveer begrijpen wat ik bedoel? Lucy zweeg en schonk ons beide nog
een wijntje in...

Klik op een pasje voor een vergroting.
Volgens het derde pasje ben ik ook nog:
'overdreven gewillig'
geworden.
Rara,
rara.
Het
was op een vrijdagmiddag, tegen vijven dat ik José op een
camper-parkeerplaats in Braga (Portugal) ontmoette. Een wat opvallend
mannetje met een wat opvallend hesje aan. José leefde van en in zijn
dromen...***
Bordeaux
Daar
sta ik dan, alleen,
in een voorstad van
Bordeaux.
De aardappelen, groente en
fruit
zijn alweer op, ik ga maar nieuwe
halen.
Daar zit ze dan, alleen,
bij
de ingang van LeClerck.
Als doedelzak, maar
met een fluit
en speelt een lied, ik ken het
deuntje niet.
Daar liggen we dan,
samen,
ontwakend in een vreemde stad.
Zwoel
was de nacht met al haar kleuren
in het
duister, de zon kust ons die morgen wakker.
(Uit
mijn bundel 'Petanque
op klompen')
***
Chattaal
Het
enige waarneembare kenmerk van chattaal is snelheid. De gebruikte en
waarneembare taal op een scherm, met al z'n afkortingen waarin je
moeiteloos zinnen van tien woorden terugbrengt tot twee 'hoest paw'
(hoe is het met jou. pas op, ouders kijken mee / parents are
watching), is slechts een aan te leren techniek net als bijv. steno.
Alles draait om snelheid. Snelheid, vooral in het cognitieve
denkproces, welteverstaan.
Laten we eerst eens wat mogelijke
denkwijzen formuleren en beginnen we met het 'natuurlijk' denken.
Deze wijze van denken lijkt nog het meest op het 'instinct' wat bij
nagenoeg alle diersoorten erfelijk aanwezig is. Hierin liggen een
beperkt aantal patronen vast die door een beperkt aantal sensoren
worden aangestuurd en vervolgens een beperkt aantal acties kunnen
ondernemen. Dit 'denken' voorziet eigenlijk alleen maar in leven
(eten en drinken) en voortplanten, de oerdriften.
Op een iets hoger
plan staat het 'logisch' denken. Deze vorm van denken is een
veredelde vorm van ingesleten natuurlijk denken, voornamelijk
gebaseerd op herhaling van herinnering.
Een volgende stap is het
numeriek of rekenkundig denken. Voortbordurend op het logisch denken
wordt in de herinnering bewaard wat de voordeligste (meest
effectieve) wijze is gebleken onder verschillende omstandigheden.
We
naderen intussen het cognitieve denken van een grote database met
veel weten, kennen en herinneren. Bij het numeriek denken was de
eigen waarneming maatgevend. In het cognitieve denken wordt ook de
mogelijkheid tot na-apen toegevoegd. We nemen waar hoe anderen
effectiever hun voedsel of voortplantingspartner bemachtigen en
kunnen dat gedrag nabootsen. Weer een stap verder komen we langs het
'laterale' denken. Deze denkvorm lijkt weliswaar al een beetje op een
creatieve vorm van denken, maar schijn bedriegt. Het is meer een
willekeurige (random) keuze van het cognitieve denkpatroon.
Bij alle
voornoemde denkmogelijkheden is in principe steeds slechts één
uitkomst en actie mogelijk. Het creatief (divergent) denken kan zich
een aantal mogelijke oplossingen herinneren, en zelfs een - enigszins
- nieuwe mogelijkheid (een mix van cognities) toevoegen om vervolgens
daaruit de beste actie te kiezen, rekening houdend met de gegeven
omstandigheden. De tegenhanger van het creatief denken is het
analytisch (convergent) denken waarbij juist zoveel mogelijk
mogelijkheden worden uitgesloten om tot één uitkomst met één
mogelijke actie te geraken.
Wat heeft dit
alles met chattaal te maken? Wel, eigenlijk niets als je niet meer
denkmogelijkheden tot je beschikking hebt (IQ = 100). Alle genoemde
denkwijzes
bouwen steeds voort op de vorige vorm van herinnering, weten en
kennen, met telkens slechts een zeer beperkte toevoeging. Dat die
toevoeging steeds beperkt is heeft alles te maken met de standaard
normen en waarden van de cultuur waarbinnen het individu zich
manifesteert en de ontwikkeling van het denken wordt aan- of juist
wordt afgeleerd.
Nog lang niet volmaakt en voorlopig nog
buiten de norm geplaatst (en dus als ongewenst bestempeld), mogelijke
volgende denkwijze zou het 'dynamisch' denken kunnen worden genoemd.
Een sterk associatieve denkwijze die veel overeenkomsten heeft met
chaos en dus met de chaostheorie. Deze manier van denken kan -
weliswaar op latere leeftijd - worden aangeleerd maar is soms ook
reeds op jonge leeftijd (geërfd) aanwezig en neigt richting 'autistisch denken'. In deze
denkwijze hoeft de uitkomst - en dus de de
daaropvolgende actie - in het geheel niet het resultaat van alle
vorige denkwijzen te zijn en zal zeker door iemand die dit hogere
denkniveau (IQ +> 120) niet heeft bereikt niet (kunnen) worden
begrepen. Hier
neemt de autistisch geneigde
(AG) of autistisch gediagnostiseerde
(AD) afscheid van de neuro-typical
(NT) voorwat zijn of haar denkwereld
betreft. Dit is de wereld van de 'top-chatter'.
De perfecte
combinatie van (neiging tot) hersen-ADHD (snelheid) in een mix met de
waarschijnlijkheidsleer uit de chaostheorie.
Een
aantal top-chatters, onder het zelfde dak of mogelijk verspreid 'all
over the world' beelden zich in alsof ze zich gezamelijk in één
ruimte (kamer) bevinden. Iemand zegt als zender een gedachte vanuit
zijn eigen (chaotische?) geheugen. Anderen in de kamer ontvangen dit
signaal, associëren en interpreteren het ieder op hun eigen wijze en
hebben middels de oerdrift de neiging om vanuit de eigen chaostheorie
te reageren. Dit kan een 'pas'
of een 'call' inhouden, niet
reageren
of het gevecht aangaan. Meisjes en vrouwen vertonen overwegend een
pas-gedrag, jongens en mannen daarentegen zullen meestal het gevecht
aangaan en zullen zo spoedig mogelijk de zendende partij van repliek
willen dienen. Voor de NT-toeschouwer zal dit slechts zelden een
doordacht en evenwichtig antwoord zijn en heeft - nog steeds voor die
toeschouwer - vaak alle kenmerken van willekeur (hoewel dat pertinent
niet zo is!). De passer zal bijna altijd de verliezende partij zijn,
en wie wil daar bijhoren? Zeker, door op z'n minst iets te roepen
imponeer je al, en als je veel roept zit daar af en toe wellicht ook
een winnend antwoord bij. Dat is nog steeds de latent aanwezige
oerdrift van (over)leven en voortplanten uit het begin van dit
betoog. Maar is dat vele roepen van onzin wel zo onzinnig als het
door de NT-toeschouwer wordt waargenomen?
Hoe
komt een chaotisch lijkend antwoord tot stand? Het van de zender
ontvangen signaal wordt niet letterlijk maar met veel eigen dynamisch
associatieve gedachten ontvangen. Meestal zijn die associaties niet
direct concreet maar worden zelfs als groepen associaties
mee-ontvangen. Eenvoudig voorbeeldje van een dialoog:
A. "Ga je nog uit
vanavond?"
B. "Ik heb die film al
eens gezien."
A. "Heeft je moeder
die voor je gekocht?"
B. "M'n vader woont in
Amsterdam."
In
de vraagstelling van zender A. worden bij B. de belangrijkste woorden
'uitgaan' en 'avond' van A. ontvangen en on-line dynamisch gemixd met
eigen herinneringen wat je met 'uitgaan' (kroeg,
familie/vriendenbezoek, bioscoop, enz.) en los daarvan met 'avond'
(tv-kijken, slapen, enz.) kunt doen. 'Avond' (passief) is om tal van
redenen ondergeschikt aan (actief) 'uitgaan', en op avond wordt dan
ook niet gereageerd. Een herinnering van B. is een laatste
uitgaansavond en bracht B. een bezoek aan een bioscoop waar hij een
film
Xxxx heeft gezien die blijkbaar indruk heeft gemaakt. De vraag van A.
wordt dan ook gehoord als: "Ga je
vanavond naar de bioscoop om
de film Xxxx te zien?" En dus is het antwoord heel erg logisch
"Ik heb die film al eens gezien.",
en meldt dat dan ook aan
A. A. ontvangt 'film' en 'gezien'. Hij heeft ook wel eens een film
gezien, dat was toen samen met z'n moeder en ze hebben toen in de
stad eerst nog een nieuwe trui gekocht. A. verwisseld de voor hem
niet interessante film met de veel belangrijker trui, en wil nu van B.
weten of zijn moeder ook een trui voor hem heeft gekocht. B. ontvangt
'moeder' en 'kopen' maar toen hij voor het laatst iets belangrijks
heeft gekocht was dat samen met z'n vader, maar zijn ouders zijn
intussen gescheiden en z'n vader woont nu in Amsterdam en dat Pa nu
in Amsterdam woont wordt de belangrijkste associatie.
NB: Het
dynamisch associatieve bedenken van een vraag stopt niet met het
geven van een antwoord. Het denken blijft (hersen-wakker-durend)
doorgaan en
mengt zich met het denken over een volgende vraag of antwoord of
eigen gedachte n.a.v. eigen sensoren (o.a. zintuigen). Hierdoor is het
mogelijk dat
eerst na geruime tijd (minuten of zelfs uren) een antwoord wordt
uitgesproken op een lang geleden gestelde vraag.
Waar de
neuro-typical (NT) zich - wellicht zelfs - stoort aan deze vorm van
conversatie kan die evenwel gewoon doorgaan zonder iets van onderling
onbegrip tussen A. en B. te bespeuren. Zij hebben gewoon een goed
sociaal gesprek, niet anders dan NT-ers die alleen veel meer
waarneembare en herkenbare woorden gebruiken uit de lagere
denknivo's! De dynamisch ontvangen antwoorden met de eigen mix
leveren doorgaans een positieve vervolggedachte op. De A-Geneigde zal
negatieve gedachten gewoonlijk verdringen. Mocht een negatieve
gedachte toch blijven prevaleren dan zal de AG meestal afhaken en/of
dichtklappen.
Een NT zal de kamer al snel verlaten als zich
een derde AG aandient in het gesprek. Maar ook met drie of meer
personen kan op dezelfde wijze zinvol of sociaal gecommuniceerd en
gelachen worden. Dit
alles ten slotte vertalen in kortschrift (chattaal) is slechts een
technisch detail en in wezen niet kenmerkend voor het gebruik van
chattaal maar slechts het waarneembare (i.t.t. het cognitieve) deel
waar een NT hopeloos en zonder enig resultaat in vastloopt. De NT
blijft hangen in zijn cognitieve denkwijze die tekort schiet t.o.v.
het dynamisch associatieve (niet te verwarren met het statische
lateraal associatieve) denken.
(Bijdrage
van pb, een aspi/auti, voor het chattaal onderzoek van mw. prof. dr.
Reinhild Vandekerckhove
(UvAntwerpen))
Het
is natuurlijk jammer dat de meeste psychs soms een mens of een kwestie
moeten
beoordelen hetgeen zij helemaal niet kunnen, vanwege de eigen
breinbeperking. Maar iets niet kunnen, kun
je prima verbloemen met het plakken van een etiket uit een dik
DSM-boek. Onderzoek liever het denken onder invloed van o.a. aspi/auti,
als mogelijk een volgende stap in de ontwikkeling van het denken...
***
Clochard voor één nacht...
Het
was nog vroeg in de avond. Een avond onder een brede brug aan de rand
van een voorstadje van Marseille. Samen met mijn 'vriendin voor
één nacht', vlijde ik mij neer op het zachte maar al licht
kalende
carpetje. We gebruikten elkaars jas als hoofdkussen, maar dan zonder
dons. Niet alleen vanwege de brug maar meer omdat het nog net niet
donker was, zagen we nog geen sterren boven ons, als romantisch
dekbed over een te verwachten zwoele nacht. Feitelijk was het haar
voorstel, ons voor één nacht in het leven van clochards te laten
meeslepen. 'Je moet alles éénmaal
hebben gedaan,' zei ze telkens.
Het klonk als een lijfspreuk. Een lijfspreuk of een ergens gelezen
wijsheid maar het deed mij denken aan een mantra om zichzelf moed in
te spreken.
Ze
sprak heel veel over de liefde die avond. Haar grote liefde voor
petanque, helaas te verstaan. Alleen maar petanque. Niets dan
petanque. Ondanks mijn vissen, vogelen en andere aangeleerde
verleidelijke invallen kwam ik er eerst na het krieken van de
volgende morgen achter dat zij waarachtig slechts één soort liefde
bleek te kennen. Het lijkt mij volstrekt onmogelijk om met maar één
liefde te kunnen leven, maar zij kon het. Volstrekt monogaam in haar
liefde voor petanque.
En
waar ik al moeite heb met het naar bovenhalen van de kleur haren van
mijn eerste vriendinnetje, somde zij als een 'idiot
savant' moeiteloos de tussenstanden op van haar eerst
gewonnen
en ook alle daarop volgende wedstrijden. Op iedere datum die ik
noemde wist zij precies waar, met en tegen wie en hoe ze had
gespeeld. 'Je zult wel een
ongelooflijk uitpuilende prijzenkast
hebben,' vroeg ik ver na middernacht, na haar eindeloze
liefdesverhalen en naar de nu dus eigenlijk wel bekende weg. Dát
bleek helemaal niet het geval.
Natuurlijk
had ze in haar nog maar halfoude bestaan al veel trofeeën en prijzen
gewonnen maar altijd had zij de gewonnen prijs weggegeven, zei ze. En
altijd aan een arme sloeber, een bedelaar of in elk geval aan iemand
die er uitzag als zodanig. Gelukkig, dacht ik, toch nog iets van een
menselijke trek in dit verder zo verboulde wezen.
Toen
de zon de ochtend wakker kuste, wij onze jassen aantrokken en het al
licht kalende carpetje oprolden, nam zij iets uit haar tas en reikte
mij haar gevulde hand ten afscheid. Als in een reflex nam ik de
crémekleurige enveloppe van haar aan met de sierlijk gouden opdruk:
1ère Prix de Petanque. Van nu
af ben ik dus één van hen, een arme
sloeber, een bedelaar, clochard voor één nacht. En zij, zij is
vooral zichzelf gebleven.
(Uit
mijn bundel 'Petanque op klompen')
***
Achterflap
Een
boek moet eigenlijk meer zijn dan een boek. Dit is dan ook een beetje
een alternatief en educatief e-boek geworden. Alternatief, in de zin
van geen gewoon leesboek. In het woord 'case study' en dan nog het
liefst een 'documentaire case study' ligt het educatieve besloten.
Het is een waargebeurd verhaal, om van te leren. Door de vele
oorspronkelijke documenten wordt de lezer geen mening of zienswijze
opgedrongen maar kan zelf een mening vormen over de soms niet te
geloven gebeurtenissen.
In
2011 is Piet/er door het maandblad Recycling Magazine Benelux,
uitgeroepen tot cynisch publicist. Hij gebruikt die classificatie als
een geuzennaam. Het is helemaal waar dat Piet zijn onderwerpen
kritisch beschouwd. Naast die kritische blijk, speelt Piet/er graag
met taal. Af en toe wordt de lezer, al dan niet ongemerkt, op het
andere dan het bedoelde been gezet. Des te meer reden om dit e-boek,
met name ook de bijschriften bij de oorspronkelijke documenten, af en
toe met een olijke knipoog te lezen. Want ja, hoe verzinnen die
geleerde dames en heren psychs, het toch telkens weer om links en
rechts maar etiketten te plakken? Is dat gewoon om de eigen schoorsteen
te
laten roken?
Het
is de Stoa filosofie die Piet/er heeft geleerd om geen moeite te doen
om zaken te willen veranderen die je toch niet kunt veranderen, zoals
de zaken die hem op latere leeftijd rondom zijn etiket van vermeend
autisme zijn
overkomen. Toch kan hij het af en toe niet laten om ergens zijn
tanden in te zetten en tot aan rechtbank of centraal tuchtcollege
zijn gelijk te bevechten. Dit doet hij meestal niet alleen voor
zichzelf maar vooral ook in het algemeen belang en om de zorgzame
hulpverleners te helpen de hand eens wat vaker in eigen boezem te
steken. Want dat ontbreekt nogal eens is de ervaring.